Centrale toezichtsraad voor het gevangeniswezen

FAQ

Is er een onafhankelijke controle van de gevangenissen en wat houdt dat in?

Krachtens het koninklijk besluit van 21 mei 1965 betreffende het gevangeniswezen worden de omstandigheden in de gevangenis gecontroleerd door een in elke gevangenis aanwezige commissie van toezicht. De commissieleden zijn aanwezig in de gevangenissen en zijn volledig onafhankelijk bij hun contact met de gedetineerden die dat wensen of die een klacht hebben ingediend inzake hun leefregime of ongepast gedrag.

Krijgen de commissieleden een vergoeding?

De commissieleden zijn vrijwilligers die enkel hun verplaatsingskosten krijgen terugbetaald volgens de tarieven van het openbaar vervoer in tweede klasse. Alle commissieleden zijn verzekerd tegen ongevallen tijdens de uitoefening van hun functie.

U hebt een vraag over een gedetineerde?

Neem dan contact op met de commissie van toezicht van de gevangenis. De leden van de commissie van toezicht gaan geregeld naar de gevangenis. Zij kunnen de gedetineerde zien en contact opnemen met de directie van de gevangenis.  De lijst van de commissies van toezicht en andere nuttige informatie vindt u op deze website in de rubriek “Commissie Van Toezicht”. 

Wat is een commissie van toezicht op de gevangenis?

De organisatie ervan wordt geregeld in wetteksten. Een commissie bestaat uit vrijwilligers die een deel van hun tijd besteden aan de controle van de detentievoorwaarden en telt zes tot twaalf leden, onder wie een magistraat, een arts en een advocaat. Die commissie werpt namens de externe samenleving en volledig onafhankelijk van het gevangeniswezen een blik op de gevangenissen, die plaatsen van uitsluiting zijn.

Wie kan lid worden van een commissie van toezicht?

Elke burger die de waardigheid van gedetineerden wil verdedigen, kan zich kandidaat stellen bij de voorzitter van de commissie waarvan hij lid wil worden. Kandidaten moeten een motivatiebrief en een curriculum vitae indienen. De Centrale toezichtsraad voor het gevangeniswezen verleent advies aan de minister van Justitie, die de aanwijzing vervolgens bekendmaakt in het Belgisch Staatsblad.